Cello

Koop is altijd al gek geweest, van muziek. Al vanaf zeer jonge leeftijd zelfs. Zo was hij het eerste kind in onze straat dat kon dansen op The Limbo Song van Chubby Checker. Hij was ook het enigst kind in onze straat dat wilde dansen op The Limbo Song van Chubby Checker, maar dat is een ander verhaal. Hij vond het prachtig om naar muziek te luisteren. Na enige tijd wilde onze vriend zelf ook wel eens muziek maken. Nu staat hij tegenwoordig bekend als een begenadigd gitarist die als musicus zijn geld verdient, maar het had ook anders kunnen lopen, want voordat hij zijn lot verbond aan de gitaar had Koop geheel andere instrumenten in gedachten om carrière mee te maken.
Eerst wilde hij namelijk drummer worden, en na enig aandringen kreeg hij een drumstel van zijn ouders. Die onze vriend hetzelfde apparaat na een aantal weken weer ontnamen. En niet alleen omdat ze door de ongecontroleerde herrie vanuit de slaapkamer huiduitslag in de nek begonnen te krijgen. Ook kregen de arme mensen bezoek van enkele vertegenwoordigers van de Vogelbescherming die met de mededeling kwamen dat dit jaar de kolganzen niet bij ons dorp hadden overwinterd, en dat de oorzaak hiervan waarschijnlijk moest worden gezocht bij de drumtechniek van zoonlief.
"Jongen, je moet maar eens een ander instrument proberen. Hier krijgen we last mee." sprak zijn vader dan ook op een dag, terwijl hij de hele mieterse boel inpakte.
Koop zweeg. Hij begreep het wel: voortdurend jeuk in je nek is niet prettig. Een dag later stonden ze in de winkel waar ook het drumstel was gekocht.
"U begint een bandje?" vroeg de verkoper, die zich nog duidelijk de verkoop van het drumstel wist te herinneren, en zo ongeveer wel begreep waarom de vader van Koop opnieuw voor zijn neus stond.
"Grappig." antwoordde deze, maar liet het daar bij, omdat zijn zoon zich inmiddels naar de bekkens had begeven, testte hoe hard die nu eigenlijk klonken, en zei dat hij die wilde hebben. Die leken hem wel leuk, maar zijn vader, die zich de wanhoop in de ogen van de buren nog goed voor de geest kon halen, sprak daar een duidelijk veto over uit. Koop begon nu te stampvoeten, te zeuren dat hij zelf wilde kiezen welk instrument hij zou gaan bespelen, en nam de bekkens in een wurgreep. Pas nadat zijn vader hem bedreigde met diezelfde bekkens, koos Koop een ander instrument: de trompet. Een keuze die zijn vader kon billijken. Een melodieus instrument namelijk, en om de buurt te vriend te houden werd op de terugweg besloten dat Koop op les zou gaan. We komen hier nu op een gevoelig punt. Helaas wijst de geschiedenis uit dat ook dit instrument onze vriend niet lag. Ik zal er hier niet te veel over uitweiden. Laat ik u slechts vertellen dat Koop drie lessen heeft gehad. Drie lessen, en de docent die deze drie lessen heeft ervaren, mocht nadien van de Arbodienst slechts nog licht lichamelijk werk verrichten in een bos, waar men maar weinig andere mensen treft.
En ik weet nog dat deze arme man van de Arbodienst naar huis mocht voor een paar dagen ontspanning, zodra de geluiden in het bos hem teveel werden. Voor de rest wil ik het, wat betreft Koop en de trompet, hier bij laten.
Wat ik u wel kan melden is dat onze vriend stug volhield, nogmaals een ander instrument koos, en ook rustig nog eens op les ging. Celloles ditmaal. Zijn celloleraar was een man van bejaarde leeftijd, met grote grijze bakkebaarden en een haardos die je deed denken aan een atol. Koop volgde zijn lessen trouw. Trouw ook oefende hij thuis. Eerst in de kamer, later in de keuken en na een week permanent in het schuurtje achter in de tuin. Langzaam maakte hij vorderingen, totdat hij op een dag een nogal druk stukje cello kreeg dat technisch tamelijk wat van hem vergde.
Terwijl het bij de meeste cellostukken zo is dat de cellist de strijkstok continu over de snaren strijkt, liet Koop hem halverwege een riedeltje Servais nu eens achter een snaar haken, hetgeen het stuk te kort doet, en waardoor de stok een seconde later wegschoot. Recht in de rug van zijn oude leraar, die al strompelend gelukkig nog net de hal wist te bereiken om hulp te roepen. Strafrechterlijk kon Koop niets worden gemaakt, maar ook deze carrière was aan duigen.
Vanaf die ongelukkige dag stond hij namelijk op de zwarte lijst bij de leraren die nog wel fit van lijf en leden waren, en dit ook graag zo wilden houden.





Terug