bezoek

Omdat Willem aan het waterskieën een moeilijk te omschrijven blessure met een aardige pijngrens
aan zijn beide scheenbenen had overgehouden, en minstens twee weken het ziekenhuis als postadres kon opgeven, besloot ik hem een bezoek te brengen.
Goed, het was mijn schuld geweest. Hoewel ik nog geprobeerd had hem te waarschuwen.
Wat aan de late kant weliswaar, maar Willem zou toch ook wel gezien hebben dat ik het in
eerste instantie druk genoeg had om zelf met de speedboot voorbij die BMer te komen.
Was het zeil van die boot trouwens niet naar beneden geweest dan had ik hem vanzelfsprekend
veel eerder opgemerkt. Anders was ik toch ook nooit in de koelbox om de jus d´orange gaan zoeken,
en had de man in het bootje niet van die doodskreten hoeven slaken.
En inderdaad, het was op mijn advies geweest dat Willem met een korte lijn achter de boot hing.
Zodoende konden we nog wat kletsen, maar daar had hij persoonlijk mee ingestemd,
hij had wat mij betreft ook gerust voor de lange lijn mogen kiezen.
Gelukkig
vatte Willem het sportief op.
Bij mijn binnenkomst bleek hij zelfs zeer verheugd om mij weer te ontmoeten.
Hij graaide naar me, en ik had hem ook graag omhelsd, maar ik zag de pijnlijke grimas op zijn gelaat,
waardoor het mij beter leek enige afstand te bewaren.
"He Willem!"
"Mmmmm!" mompelde Willem goedbedoeld, maar onverstaanbaar.
Later hoorde ik van de zuster dat zijn kaken waren vastgezet, omdat in het ziekenhuis was gebleken
dat er ook in zijn linkerkaak een scheurtje zat.
"En, kun je het een beetje volhouden, Willem?" probeerde ik het gesprek kalm te beginnen,
maar onmiddellijk werd mij duidelijk dat deze vraag Willem veel deed.
Van emotie klonken nu een paar luide brommen,
en hoewel zijn bloeddoorlopen ogen droog bleven terwijl ze mij van boven het verband
intens leken te aanschouwen, begon hij nu nog uitbundiger met zijn armen te zwaaien.
Ik besloot zijn drang mij beslist te omarmen nogmaals te negeren, en gewoon antwoord
te geven op wat hij probeerde te zeggen.
"
Natuurlijk is dat lastig, een infuus. Maar dat duurt vaak maar een paar weken, joh.
En dat scheurtje is straks ook zo weer genezen." stelde ik hem gerust.
"Mmmm mmmm!" ging Willem verder, en zwaaide nu naar mij en zijn scheenbenen.
Gelukkig ken ik hem al heel wat jaren, zodat ik wist wat hij mij duidelijk wilde maken.
"Ja, ik weet het. Beiden gebroken. Ja, ja. Maar wat wil je, Willem? Frontaal erop, man!"
"Mmmm mmmm!"
"Ja, dat van de splinters weet ik ook. Ach, morgen worden de laatste er al weer uit gehaald.
Dan heb je dat in ieder geval maar achter de rug, nietwaar?" probeerde ik hem vrolijker te stemmen.
Wat zeer door mijn vriend werd gewaardeerd, hetgeen hij duidelijk probeerde te maken door mij in een
uiterste poging in zijn armen te nemen, waardoor het mij nu toch echt te
emotioneel werd, en ik naar huis besloot te gaan.
"Dag Willem. Tot gauw, kerel!" nam ik met een kikker in mijn keel afscheid, en haastte mij naar de deur.
Het werd me teveel, zo´n warmte.
Terwijl ik de gang opstapte hoorde ik dat ook Willem zijn emoties bijna niet meer in de hand had ,
maar ik besloot niet meer achterom te kijken.
Het was beter zo.
Maar ik begreep hem wel. Zo gaat dat nu eenmaal tussen vrienden.

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

­

 

 ­